Vrijwel iedere smartphone heeft tegenwoordig meerdere camera's. Soms zijn het er twee, soms drie of zelfs vier. Maar wat doen al die lenzen eigenlijk? En is een camera met 200 megapixel automatisch beter dan eentje met 50 megapixel? Nee dus. Tijd om eens rustig te kijken wat er achter die camera's zit.
Eén telefoon, meerdere camera's
Kijk eens naar de achterkant van een moderne smartphone. Daar zitten vaak meerdere ronde camera's. Iedere camera heeft zijn eigen taak.
1. De hoofdcamera – 1x
Dit is de camera die u het meest zult gebruiken. De hoofdcamera heeft meestal de grootste en beste sensor en is daardoor geschikt voor allerlei situaties.
Bij het maken van een gewone foto gebruikt u meestal de instelling 1x. Dat is doorgaans de beste kwaliteit die uw smartphone kan leveren.
Voor foto's van familie, huisdieren, natuur en alledaagse situaties is de hoofdcamera meestal de beste keuze.
2. De ultragroothoek – 0,5x
Met de instelling 0,5x krijgt u veel meer van de omgeving in beeld.
Dat is handig bij:
- een groot landschap;
- een gebouw dat u niet volledig in beeld krijgt;
- een grote groep mensen;
- een interieur;
- een indrukwekkend uitzicht.
Er zit wel een nadeel aan: aan de randen van de foto kan enige vervorming ontstaan. Bovendien is de ultragroothoekcamera vaak minder goed bij weinig licht dan de hoofdcamera.
3. De telelens – 2x, 3x, 5x of meer
Hier wordt het interessant. Een telelens haalt een onderwerp optisch dichterbij.
Staat er bijvoorbeeld een vogel in een boom, dan kunt u met 3x of 5x zoom veel meer details vastleggen zonder naar de vogel toe te lopen.
Een echte telelens is vooral waardevol voor:
- dieren;
- natuur;
- sport;
- gebouwen en details op afstand;
- portretfoto's.
Niet iedere smartphone heeft een echte telelens. Bij goedkopere modellen wordt vaak digitale zoom gebruikt.
Optische zoom is iets anders dan digitale zoom
Dat verschil is belangrijk.
Bij optische zoom gebruikt de telefoon de lens om het onderwerp dichterbij te halen. Er gaat relatief weinig detail verloren.
Bij digitale zoom wordt een deel van de foto uitvergroot. De telefoon probeert het ontbrekende detail met software in te vullen.
Moderne smartphones zijn daar behoorlijk goed in geworden. Een goede telefoon kan met bijvoorbeeld 10x digitale of hybride zoom soms verrassend mooie foto's maken. Maar een echte telelens blijft in veel situaties in het voordeel.
En wat doet die macrocamera?
Sommige smartphones hebben een aparte macrocamera. Daarmee kunt u heel dichtbij fotograferen.
Denk bijvoorbeeld aan:
- een bloem;
- een insect;
- een detail van een voorwerp;
- de structuur van een blad.
Een macrocamera klinkt leuk, maar een aparte macrolens is niet altijd noodzakelijk. Sommige smartphones kunnen met de ultragroothoekcamera al heel dichtbij scherpstellen.
Zijn megapixels dan niet belangrijk?
Jawel, maar ze vertellen lang niet het hele verhaal.
Een camera van 200 megapixel klinkt indrukwekkend. Toch hoeft die niet betere foto's te maken dan een camera van 50 megapixel.
Megapixels geven vooral aan uit hoeveel beeldpunten een foto bestaat. Meer megapixels kunnen nuttig zijn als u een foto later flink wilt uitsnijden of groot wilt afdrukken.
Maar voor een gewone foto die u op uw telefoon bekijkt of via WhatsApp deelt, zijn 50, 100 of 200 megapixel lang niet altijd nodig.
Sterker nog: smartphones gebruiken vaak een techniek waarbij meerdere pixels worden samengevoegd. Een 50MP-camera kan bijvoorbeeld standaard een foto van ongeveer 12MP maken. Daardoor kunnen de pixels meer licht verzamelen en wordt de foto bij minder licht vaak beter.
De sensor is minstens zo belangrijk
Achter iedere lens zit een beeldsensor. Die vangt het licht op en maakt daar de foto van.
Een grotere sensor kan over het algemeen meer licht verzamelen. Dat is vooral merkbaar wanneer u fotografeert:
- 's avonds;
- binnen;
- bij slecht weer;
- in een donkere omgeving.
Daarom kan een smartphone met minder megapixels tóch betere foto's maken.
Beeldstabilisatie: klein verschil, groot effect
Een andere belangrijke eigenschap is optische beeldstabilisatie (OIS).
Uw hand beweegt altijd een beetje. Bij voldoende licht is dat meestal geen probleem. Maar bij weinig licht moet de camera langer belichten. Dan kan een kleine beweging al voor een onscherpe foto zorgen.
OIS compenseert kleine bewegingen van de telefoon. Vooral bij avondfoto's is dat erg prettig.
En dan is er nog de slimme software
De camera van een moderne smartphone is eigenlijk een klein computerprogramma.
Nadat u op de ontspanknop drukt, kan de telefoon in een fractie van een seconde meerdere beelden combineren. De software probeert vervolgens onder andere:
- gezichten goed zichtbaar te maken;
- donkere delen lichter te maken;
- overbelichte delen te corrigeren;
- kleuren te verbeteren;
- ruis te verminderen;
- foto's scherper te maken.
Daarom kunnen twee smartphones met vergelijkbare lenzen toch heel verschillende foto's produceren.
Welke zoom gebruikt u wanneer?
Een handige manier om de verschillende camera's te onthouden:
0,5x – ultragroothoek
Voor grote landschappen, gebouwen en groepen.
1x – hoofdcamera
Voor de meeste gewone foto's. Dit is meestal de veiligste keuze.
2x – lichte zoom
Handig voor portretten en details. Bij sommige smartphones wordt hiervoor een uitsnede van de hoofdcamera gebruikt.
3x – 5x – telelens
Ideaal voor onderwerpen die verder weg staan.
10x en hoger
Handig als u iets echt niet dichterbij kunt halen. De kwaliteit is sterk afhankelijk van de smartphone.
Een tip die veel mensen vergeten
Gebruik niet automatisch de maximale zoom.
Staat u bijvoorbeeld op een paar meter afstand van een mooi gebouw of een bloem, loop dan liever een stukje dichterbij. Een foto die met 1x of 2x wordt gemaakt is vaak mooier dan een foto die maximaal digitaal is ingezoomd.
En bij een vogel of ander dier is het natuurlijk een ander verhaal. Daar is een goede telelens juist fantastisch.
Waar moet u op letten bij een nieuwe smartphone?
Als fotografie voor u belangrijk is, kijk dan bij het vergelijken van smartphones vooral naar:
1. De kwaliteit van de hoofdcamera
2. De grootte van de beeldsensor
3. De aanwezigheid van optische beeldstabilisatie
4. Een echte telelens
5. De kwaliteit van de ultragroothoek
6. De prestaties bij weinig licht
7. De kwaliteit van de camerasoftware
Het aantal megapixels komt pas daarna.
Kortom
Meer camera's betekent niet automatisch betere foto's. En meer megapixels evenmin.
Een goede smartphonecamera is een combinatie van een goede sensor, goede lenzen, beeldstabilisatie en slimme software.
Wilt u vooral foto's maken van natuur en landschappen? Dan zijn een goede hoofdcamera en ultragroothoek belangrijk. Fotografeert u graag vogels, dieren of onderwerpen op afstand? Dan is een goede telelens veel interessanter.
Kijk dus bij de aanschaf van een smartphone niet alleen naar het getal achter 'megapixel', maar vooral naar wat de camera in de praktijk kan.